abc-thinkbig

abc-thinkbig

over ABC-thinkBIG

ABC-thinkBIG is een persoonlijk website met artikelen, publicaties en links over leiderschap, bedrijfskundige aspecten én service georienteerde architectuur.

Energie en Agile Open Hollland 2011

AgileGeplaatst door Mary Beijleveld zo, november 06, 2011 15:08:34

Het is nu zondag 6 november 2011. Mijn wederhelft is een eind gaan fietsen en straks gaan we samen naar zijn 84 jarige moeder om wat bij te kletsen. Daarnaast maak ik ruime porties als ik soep en stoofschotels bereid, die ik dan invries en meeneem. Ze zegt dat ze mijn brouwsels lekker vindt, dus mag ik dat graag doen.

Nu kan ik dus even tijd maken om een stukje te schrijven over de afgelopen dagen en mijn belevenissen bij Agile Open Holland. Ik heb het mezelf erg druk gemaakt de afgelopen anderhalve week maar er geen energie door verloren; integendeel. Of ik heb een afweerschild voor energiezuigende mensen en dingen. Enfin, het zal ook wel komen omdat ik telkens een besluit neem of ik me door de energie vampieren laat beïnvloeden of me er niet door laat storen.

Uiteraard heb ik ook gewoon moeten werken, hetgeen praktisch omschreven inhoudt dat ik veel gecommuniceerd heb, gelezen , commentaar en mening heb gegeven en advies(jes) geschreven heb. Het gaat te ver om daar meer over te vertellen dan dat het over de strategie ging, over taakstelling en uitvoeringstoetsen, de visie op de architectuur 2.0 en de inhoud van projectdocumenten. We zijn met de afdeling verhuisd naar een ander deel van het gebouw, dat gaf wel wat rommeligheid, in- en uitpakken en wennen aan de andere werkplekinrichting.

Daarnaast wil je ook nog kwalitijd met je partner doorbrengen, de huishoudelijke dingetjes doen, ik moest nodig naar de kapper, verjaardag en andere privézaken. Sommige dingen belangrijker dan andere, dat wel. En ja, ik was dan ook gevraagd om een keynote (jawel, ahum) te geven op Agile Open en wel samen met iemand die ik in het geheel niet kende: Bart van de Klundert. Voorgesteld door Sandra Warmolts en Lillian Nijboer, de organisatoren van de tweedaagse.

Na onze pennenvruchten te hebben uitgewisseld hebben en aftastend het bereik van onze conclusies vergeleken te hebben, hebben we elkaar vorige vrijdag pas voor het eerst IRL gesproken. Het bijzondere was dat we meteen met het maken van een presentatie aan de slag gingen en constateerden dat wij, ondanks dat er veel verschillen in de afbakening van de inhoud van onze onderzoeken zaten en wij ook persoonlijk veel van elkaar verschillen, wel tot soortgelijke conclusies kwamen.

Daarom besloten wij onze keynote juist over die overeenkomsten en verschillen te houden, met uitleg over verschillen in denkwijzen in generaties en feminiene & masculiene hersenwerking smileyen wat prikkelende uitspraken en stellingen toe te voegen. In het daaropvolgd weekend wat dia’s en materiaal naar elkaar gestuurd en afgelopen woensdag de presentatie in zijn geheel doorgelopen.

Omdat ik donderdag aan een training met al mijn collega’s ging deelnemen, had ik met Bart afgesproken dat ik zou proberen om donderdagavond tijdens het diner aan te schuiven zodat wij zo nodig nog een keer onze preso konden oefenen. Degene die mijn twitterfeed hebben gevolgd op die donderdag weten dat ik ’s ochtend al bijna twee uur in diverse files heb gestaan om de locatie van de training die op 25 km van mijn huis gelegen is, te bereiken.smiley

Omdat het Open Space Holland diner rond 6 uur zou starten, ben ik om 16:30 uur bij die training vertrokken. Ik weet niet wat er allemaal aan de hand was die dag maar ook de rit naar Dieren (110km) verliep zo stroef als het maar kan. Na zo’n 50 km in een file op de ringweg Amsterdam en A1 te hebben vertoefd kwam ik rond 18:45 in Dieren aan. Toen had ik mijn portie fileleed voor een jaartje wel gehad.

Het buffet stond gelukkig nog te pruttelen dus heb ik eerst lekker gegeten en wat gezwaaid naar alle bekende mensen. Even bijgepraat met Erik en Bart. Ik hoorde dat de keynote van Sander van die dag heel goed was. Het toetje (ijs) kwam snel daarna en vervolgens gingen we activiteiten doen.

Ja hoor, steile wand klimmen. Afgezien van het feit dat er voor mijn achterwerk geen passend klimtuig was en 2 van die dingen combineren tot 1 geen optie, bedacht ik mij dat mijn knieën dit niet echt zouden doorstaan. Dus daar heb ik voor bedankt en mij beperkt tot aanmoedigen. Bij het curling kon ik ook al zo weinig bijdragen want kreeg in totaal 1 punt op mijn conto bijgeschreven ondanks de aanmoedigingen van Maarten en Linda, mijn –zwart zonder sticker- teamgenoten. Bij het boogschieten ging het een stuk beter. Maar in de bar, toen de muffe muziek eindelijk vervangen werd door wat uptempo trance, werden mijn prestaties pas van hoog niveau. We hebben zo’n een lol gehad met dansen. smileyVooral met Luus. Maar ook de andere dames en heren deden enthousiast mee. Volgens mij liep het tegen 2 uur ’s nacht dat ik te bed ging.

Het koste geen enkele moeite om in slaap te vallen; eigenlijk kan ik mij niet eens meer herinneren dat ik mijn hoofd op het kussen legde, en ik werd alweer om 7 uur wakker. Omdat we het oefenen van de preso de vorige avond niet hadden gedaan, ben ik zo’n drie kwartier voor het ontbijt naar de zaal gelopen in de hoop dat Bart tot eenzelfde idee zou komen. Toch was het enige dat we gedaan hebben, kijken of de techniek in orde was, de laptop aangesloten en even gekeken of we Internetverbinding hadden om het youtube filmpje te laten zien.

Na het ontbijt was het zover. Best wel soepel en alsof we het al jaren deden, presenteerden we onze Agile & architectuur (verschillen en overeenkomsten). Aan het applaus en aan enkele voorstellen voor de open space onderwerpen konden we merken dat de andere deelnemers onze presentatie waardeerden. Ook de complimenten die we kregen in de loop van de dag bevestigden dat. Daar gaat mijn neus dan toch van krullen, za’k maar zeggen.smiley

Omdat ik de volgende dag dinergasten zou krijgen en nog flink wat boodschappen moest halen, vertrok ik alweer bijtijds uit Dieren. Deze keer 130 km zonder al te veel gedoe op de weg. Eerst op de ring A’dam Noord langzaam rijdend verkeer.

Na thuiskomst direct met mijn wederhelft boodschappen gedaan, samen gegeten, elkaars belevenissen aangehoord en vroeg naar bed. Als je energie wilt houden is een goede nachtrust errug belangrijk, net als gezond eten, een optimistische blik op de toekomst en blij gemoed & mensen die je energie geven. Je weet wel, het soort mensen dat je o.a. op een open Space ontmoet.

Whoever comes is the right people; zo is het maar net!smiley

  • Reacties(0)//weblog.abc-thinkbig.com/#post107

Cultural dimensions and Agile Adoption

AgileGeplaatst door Mary Beijleveld zo, april 24, 2011 13:03:49

First entry on july 2, 2009

In this blog I want to prove that the extend in which Agile practices are adopted is strongly related to a country’s culture.
On two separate occasions: Gartner Xebia Agile maturity master class and Agile consortium Benelux / Agile Holland’s conference ‘Integrating Agile’ the 2 invited foreign speakers – Dave Norton and Rob Thomsett – emphasized that our country, the Netherlands (NL), is the ‘hot spot’ for adoption of Agile methods & practices. In their experiences and looking at the analyzed facts and figures, many companies in the Netherlands are practicing Agile methods or are seriously exploring the possibility to adopt them.
I asked both men if they thought this could have anything to do with our Dutch culture. For some time now, I’ve been playing with the thought that culture and agile maturity /adoption grade could have a link. They both considered this to be very well possible.
You might know Geert Hofstede’s comprehensive study on how values in the workplace are influenced by culture. I wanted to compare the outcomes of, this study to Dave Norton and Rob Thomsett ‘s insights on agile adoption in the Netherlands and other countries. Do they relate?

Dimensions
According to this study there are 5 dimensions on which countries can be compared: Power Distance, Individualism, Masculinity, Uncertainly avoidance and Long term-orientation. Hofstede indexed the differences on a scale from 0 to 100.

Dimensions explained:
Power Distance Index (PDI) is the extent to which the less powerful members of organizations and institutions (like the family) accept and expect that power is distributed unequally. (This represents inequality accepted from below, not from above)

Individualism (IDV) (its opposite is collectivism) is the degree to which individuals are integrated into groups. On the individualistic side we find societies in which ties between individuals are loose: On the collectivist side, we find societies in which people from birth onwards are integrated into strong, cohesive in-groups, often extended families. The word ‘collectivism’ in this sense has no political meaning: it refers to the group, not to the state. Again, the issue addressed by this dimension is an extremely fundamental one, regarding all societies in the world.

Masculinity (MAS) versus its opposite, femininity, refers to the distribution of roles between the genders. It is considered another fundamental basis for any society in finding (other) solutions to corresponding issues. The assertive pole is called ‘masculine’ and the modest, caring pole is called ‘feminine’. In feminine countries, both women and men have the same modest, caring values; in masculine countries women are somewhat assertive and competitive, but not as much as men: masculine countries typically show a gap between men’s values and women’s values.

Uncertainty Avoidance Index (UAI) deals with a society’s tolerance for uncertainty and ambiguity. It ultimately refers to man’s search for truth. It indicates to what extent a culture programs its members to feel either uncomfortable or comfortable in unstructured situations. Unstructured situations are novel, unknown, surprising, different from usual. Cultures that avoid uncertainty introduce strict laws and rules, safety and security measures. On a philosophical and religious level, they have a belief in absolute truth; ‘there can only be one Truth and we have it’. Its members are also more emotional, and motivated by inner nervous energy. The opposite types, members of cultures that accept uncertainty, are more tolerant of opinions different from what they are used to; they try to have as few rules as possible, and on the philosophical and religious level they are relativist and allow many trends to flow side by side. People within these cultures are more phlegmatic and contemplative, and not expected by their environment to express emotions. Uncertainly avoidance has a lot to do with acceptance of change.

Long-Term Orientation (LTO) versus short-term orientation: this fifth dimension was found later It can be said to deal with virtue regardless of Truth. Long Term Orientation is associated with values like thrift and perseverance; values associated with Short Term Orientation are respect for tradition, fulfilling social obligations, and ‘saving your ‘face’.

In Belgium power distance acceptance is high, in the other chosen countries below world average.
In almost all chosen countries, except for Scan, Germany and Belgium individuality is very high. In USA highest.
Masculinity in NL and Scan is extremely low, Germany and USA rank highest.
Uncertainty avoidance, and in my view therefore resistance to change, is highest in Germany and Belgium, lower in the Scandinavian countries and the other chosen countries score below world average.
NL scores about average with the world on long term orientation. Taking risk is more applicable to UK and Canada. Unfortunately no index figures are known of Scan and Belgium of this dimension.

Conclusions:
When we take into account what is said about the Netherlands in relation to Agile adoption / maturity and look at the differences between the cultural dimensions of the chosen countries we can cautiously come to a conclusions.
The chances for successful adoption on Agile methods & practice are obviously strongly related to a low masculinity index and low acceptance of power distance index (NL and Scan) and uncertainty avoidance (NL and Scan lower than world average)

In Belgium (high power distance) for instance, it’s much more important to first gain executive support for Agile practices. In the Netherlands you have to prove that Agile works and gives sustainability.
Belgium’s higher score on uncertainty avoidance suggests less acceptance to change. Belgian decision makers might have a higher need for clear measures, rules and more waterfall-like project methods. NL and certainly the UK and USA will be more open to other solutions. Germany is -’in between’.
In the Northern European countries, the practice of one of the Agile methods – scrum- is very common. Could there be a link between MAS score to the fact that in Norway 25% of the executive board is female? And in Denmark about 40%? This is a challenging idea. The degree of masculinity may be muted by a larger feminine participation and sponsorship from the boardroom for Agile development methods (executive support is in the top ten success factors for a project: No. 2 on the list in the studies of Standish University)

In conclusion, we can agree that, based on cultural differences in Belgium and Germany, chances for Agile project methods to be adopted are less than in the other six countries. Also the UK, the USA and Australia seem culturally less inclined to adopt Agile practices.
I think, keeping the cultural differences in mind, it can help us to find ways to tailor (training in) Agile methods and practices to fit within a culture.

Your opinion:

Now what do you think of the relationship between agile adoption and cultural differences? Do you work in one of the countries mentioned here? Did you actually experience the assumptions just mentioned, or do you have a different experience of your own? Please feel free to share your thoughts with me.

Comments

1.Machiel Groeneveld 9 July 2009, 10:27

You might be reversing cause and effect here. Most, if not all, Agile methods have an Anglo-Saxon origin. Agile is clearly a cultural artifact. To understand the link between Agile and culture you would have to look at the reasons why US, Dutch or Scandinavian people adopt Agile and specifically what elements. I imagine concepts like impediments and velocity are more favorite in the US because of their problem-fixing nature and love of statistics. In The Netherlands, the autonomous teams, anti-management vibe and respect for the working people is probable the reason why Dutch people are fond of Scrum. The team work and organizing of personal freedom might fit the Scandinavian culture.

In any case, Agile is not the same Agile in all countries. Agile might even be twisted and turned so much to fit a culture, that I wouldn’t call it Agile anymore. It would be even better if this analysis included data on how Agile is adopted per country.

2.Mary Beijleveld 13 July 2009, 12:54

Great response Machiel, thank you.

To the reversing cause and effect bit: I’m more incli­ned to think it is reciprocal. My feminine mind thinks more circular, perhaps that’s why.

Let us remember that the Waterfall method was invented by an American computer scientist. (W.W. Royce) PMBok comes from the USA, Prince II from the UK. So what’s coming from where?

Although contemporary Agile methods come from Anglo Saxon (US, UK) countries they can well be inspired by insights that come from the Far East or Europe. When we take LEAN methods into account and think of them as Agile as well, we have the Japanese to thank for a lot of inspiration. Also for elements you would consider ‘real’ Agile methods.

Good point to explore and discuss: attractiveness of the elements in a method to a specific culture. I will give this a thorough ‘think thru’. If you have any prove whatsoever about this, please disclose them to me.

Data on adoption of Agile methods per country are known to Gartner and other research companies, I guess.

Gartner says that the Netherlands is the ‘most hottest spot’ in the world. Also ‘hot’ on adoption are UK and US and ‘warm’ is Australia.
The Agile market share is divided in 30-35 % scrum, 20-25 % XP, 5-10 % LEAN, RUP and FDD and 3-8 % DSDM.
Haven’t come across more facts and figures myself.
Thanks again for your reply.

  • Reacties(0)//weblog.abc-thinkbig.com/#post100

Scrum meetup UX & Agile

AgileGeplaatst door Mary Beijleveld zo, maart 13, 2011 15:31:37

Op 10 maart werd de NLscrum meetup bij randstad in Diemen gehouden. Onderwerp User Experience & Agile maar vooral of - en hoe dat te combineren is. Erg interessant onderwerp. Ik verheugde mij daarom op deze avond en nog extra omdat mijn voormalig collega’s Mascha en Jasper ook zouden komen. Beide UX-ers. Helaas waren beide ziek dus dat ging niet door. Misschien helpt dit verslag hen om toch nog iets mee te pikken van de avond.

Toen we nog collega’s waren hebben we -tussen de bedrijven door- wel wat discussies gehad en waren wij er op uit gekomen dat een semiparallel proces wellicht het meest geschikt was om de user experience taken en ontwerpen in te weven in het Agile ontwikkelproces. Met daarnaast nauw met elkaar samenwerken.

De avond begon voor mij met bijpraten, het horen van allerlei ontwikkelingen van mensen die voor henzelf zijn begonnen, personeel in dienst hebben genomen, langdurig ziek zijn, van werkgever gewisseld zijn of daarvoor snode plannen hebben etc. enz. Een soort dorpsplein gesprekjes.

Het evenement zelf begon met een reclamepraatje van de applicatiemanager Carla over I-bridge, de IT poot van de Randstad groep. Momenteel is een van de uitdagingen om de urenverantwoording rechtstreeks door de locale klant op het systeem te faciliteren. Uiteraard vraagt dat om gebruikersgemak, een beetje logische gebruikerservaring en een aantrekkelijk schermontwerp. In de presentatie zag ik in een flits (zoals ik dat noem, met excuses aan mijn oosterburen) Oost-Duitse schermen voorbij flitsen en dacht “Dat kan wel wat UX gebruiken” maar er zaten ook prettiger (webgebaseerde) ogende schermen bij. Verder kon je er uiteraard niets aan afmeten qua UX effort.

De teamleider, wiens naam ik niet kon verstaan en ben vergeten te noteren (ook mijn excuses) vertelde ons dat werken met scrum in 2009 is ingevoerd en dat Marco hen heeft geholpen dit te realiseren. In eerste instantie was de aanleiding om te kunnen anticiperen op ESB technologie en de invloed daarvan op het teamwerk. Inmiddels werken er 3 scrumteams. Wat ik als bijzonder opmerkte was dat zowel de rollen multidisciplinair ingestoken moeten worden als de domein en platformkennis multidisciplinair is ingestoken. Ik dacht, ‘dan moeten er toch aardig wat mensen in een team zitten of meer rollen en kennis in één persoon vervat” Het zullen wel kanjers zijn!

Want tel maar op: scrum master, 1 a 2 testers, 1 UX ontwerper / onderzoeker en (hoeveel?) ontwikkelaars die ESB hardware en software kennis en architectuurkennis hebben, die voldoende weten over salarisregels en de HR & salaris uitbetalingssystemen van Randstad en de aansluiting daarop bij de klant. Bovendien zag ik een hele groep stakeholders in de tekening staan. Hopelijk zijn niet al deze mensen bij de planningssessie aanwezig. Het zou zomaar een aardige Poolse landdag worden smiley

Daarna kregen we een presentatie van een UX-er wiens naam ik ook niet genoteerd heb (alweer excuses!) over een aantal kwesties die maken dat het in de praktijk lastig is om UX en Agile te combineren. Aan een aantal uitspraken kan je echt merken dat deze persoon nog erg onervaren in scrum en Agile is. Bijvoorbeeld de uitspraak dat de gebruiker niet is betrokken in het scrumproces . Hi, hi, Mike, die naast mij zat, verschoot van kleur en beloofde hierover tijdens de open space nog iets uit te leggen. De uitspraken waren in ieder geval goed want voer voor discussie en gelegenheid tot kennisdeling, helemaal de bedoeling van zo’n avond.

De volgende presentatie was van Joris. Die overigens ook de ‘customer’ niet als gebruiker zag. Dat komt ervan als je er met een anglo Amerikaanse blik naar kijkt. De customer is gewoon een aanduiding van een stakeholder, en de gebruiker is er daar een van. En hij ervoer dat het voor erg veel onrust zorgde als een gebruiker het team kwam versterken.

Niettemin gaf hij een drietal scenario’s aan waarop UX en scrum met elkaar te combineren waren:

1e noemde hij ‘designscrum’: eerst enkele iteraties design en aansluitend de softwareontwikkelingsmiley

2e noemde hij splitscrum: elke designiteratie gevolgd door een ontwikkeliteratie, gevolgd door desing iteratie enz. Het zag sterk als het semiparallelle proces uit waar ik het in de tweede alinea van dit verhaal over had.smiley

3e noemde hij überscrum: UX werkzaamheden en ontwikkeling in een timebox en team.smiley

Joris gaf hele praktische tips over hoe je juist genoeg ontwerp kunt maken en snel de ‘gebruiker’ kunt laten aanhaken c.q. om een mening kunt vragen. Om er een paar te noemen: streetscans, concept informatiearchitectuur, gebruikerstypes (soort globale persona beschrijving), design the box uitkomsten, een card sort met de productowner erbij, geteste concepten, globaal interactieontwerp, globaal visueel ontwerp. Met testen in de sprint en de demo als uitgebreide gebruikerstest in te richten, zou ook het testen prima afgetikt kunnen worden. Ook een test bij de secretaresse of bij het koffieapparaat met koekjes kan verhelderend werken. En tenslotte het UX rework in een ‘sweep’ sprint. Hé, bedacht ik mij, een extra sprint voor “UX-debt”

De ultieme test was natuurlijk de reactie van de gebruikers du moment het spul ‘life’ gaat. Niets nieuws onder de zon daar. In sprint 0, zoals door hem genoemd, zouden deze dingen geproduceerd kunnen worden. Ik kon al aan de energie in zaal merken dat ook het noemen van ‘sprint 0’ voer voor discussie zou geven. Waarom mensen zo krampachtig blijven denken dat er geen werk te doen is (door o.a. de productowner e.d.) voordat een scrumteam kan starten. Of dat je het voorafgaande werk gewoon scrum-alike kunt aanpakken zonder dat het een sprint moet heten. Enfin.

Verder gaf hij aan dat je even zoveel dagen voorafgaande aan de sprint nodig hebt voor voorbereidende werkzaamheden, als er sprints in het traject zouden zijn. Het leek mij een hoog voorspellende waarde hebben. Dan toch alleen met een team dat haar eigen snelheid goed weet en niet echt hele nieuwe zaken aan de orde zijn. En heel graag zou hij zien dat een interactie ontwerper de scrum master is en een UX ontwerper als ontwerp facilitator. Zo wordt het team nog groter.

Het klinkt wel zeikerig, denk ik. Niettemin waren de tips erg waardevol!smiley

Na de presentaties even snelle uitleg over hoe een open space werkt en daarna een mega goed verzorgd diner. Om tien voor half acht startte de open space en al gauw zaten 3 slots met 6 onderwerpen per slot vol. Een hoop vragen om over te praten. Ikzelf ging naar een sessie waar de host de vraag beantwoord wilde krijgen of ook consultants regelmatig een soort standup meeting moeten houden en hoe hij het aanpakt dit geregeld te krijgen. Je begrijpt wel welke adviezen (als het even kan: DOEN!) en enkele guerrilla tips mee naar huis konden.

De rest van de avond heb ik gevlinderd en uitgebreid met Luus en Cris gesproken. Dat was niet alleen heel gezellig maar ging ook nog ergens over. Onderwijl we naar de auto liepen nog even met Remon kunnen praten over het wel en wee van manager en toen met mijn nieuwe bolide naar huis. Fijn om weer deelgenomen te hebben.

smiley En de volgende keer zal ik alle namen van de sprekers noteren

  • Reacties(3)//weblog.abc-thinkbig.com/#post94

Lean Architecture training

AgileGeplaatst door Mary Beijleveld zo, februari 27, 2011 18:35:04

In eerste instantie voelde het toch wel als 'vreemde eend in de bijt'. Ik, als business architect met ‘hoog over’ ideeën, in feite als adviseur voor de business en mediator tussen de business en ICT, te midden van allemaal programmeurs en ontwerpers; de solution architecten waar ik wel eens naar verwijs. Toch voelde het wel erg prettig met al die leergierige mensen. Volgens mij waren namelijk alleen de echte liefhebbers en geïnteresseerden in het verhaal van James Coplien, onze trainer, aanwezig. Sowieso voelde ik mij gezegend om allemaal leuke mensen te hebben ontmoet.

De training, die georganiseerd werd door Zilverline in Amsterdam, startte met definities van Agile, Lean en architectuur en ook over de uitgangspunten van scrum die door de simpele 3 x 3 opsomming te veel naar de achtergrond waren verdwenen. Het ging over het verschil tussen vorm en structuur, over wat een systeem is en wat het systeem doet en de noodzaak om daar ernstig onderscheid in te maken.

Het ging over mentale modellen van gebruikers (een van de stakeholders) van een systeem, de communicatie daarover met ontwikkelaars en hoe zich dat uiteindelijk vertaalt in code. Het ging over het verschil tussen plannen en planning (wat bij mij een soort mindshift teweeg bracht) en het feit dat we de essentie van een systeem (het geheel, de vorm, de functie) moeten blijven zien, ook als we met de structuur bezig zijn. En ons niet in het laatste verliezen.

Het ging over de contrasten en de overeenkomsten tussen lean en Agile. Over diversiteit, cross functional/ multidisciplinair en over collectieve kennis, en over de dragers van de domeinkennis die in feite de architecten zijn. En de allergie van de Agile gemeenschap voor architectuur.

Er passeerden een heleboel wetenschappers de revue. Van Japans tot Scandinavisch tot Anglo- Amerikaans. Zelfs Geert Hofstede kwam aan de beurt.

De cursus was veel technischer dan ik had verwacht en uiteraard zeer software gericht. De eerste dag was zeer goed te doen maar de tweede dag moest ik erg mijn best doen om iedereen bij te houden.

Van sommige zaken begreep ik niet waar het probleem nou zat; bijvoorbeeld de dingen die over de context gingen en een aantal andere inzichten. Dat bleek te liggen aan het feit dat dit gewoon bedrijfskundige zaken waren die bij mij wel in het voorhoofd zitten maar niet altijd evident zijn voor iedereen. Aan de andere kant werden er ook softwarepraktijken toegelicht waar ik de details niet eens van weten wilde. Dat laat ik graag aan de ontwikkelaars over. Je moet niet overal van zijn.

Het deel van de training dat over leiderschap ging, Kaizen (continue verbetering) en Hansei (discipline en verantwoordelijkheid) zou ik graag wat meer uitgediept hebben. Dit omdat ik zeer geïnteresseerd ben in leiderschap vraagstukken en uitdagingen. Misschien een idee om “lean architecture for managers’ te ontwikkelen?

Maar begrijpelijk is, dat het toen wel eens tijd werd voor de uitwerking van de ideeën op de manier waarop zich dat uit in de verschillende ontwikkeltalen. Ik heb ook een heleboel nieuwe TLA’s (tree letter acronyms) geleerd. Om een paar voorbeelden te noemen BNF (Backus Naur Form – context vrije taal) MVC (model view controller) DCI (data, collaboration and interaction) En ik heb enigszins begrepen wat het verschil is tussen procedurele talen, object georiënteerde talen en class georiënteerde talen, en de verschillende tussen C++, Scala, Ruby en Java. Al moet ik toegeven dat ik de laatste 2, 5 uren van dag twee nog het meest in het boek van James heb zitten lezen.

Ik moest telkens vreselijk lachen als James weer eens een methode, architectuur, denkraam, aanpak of taal over de hekel haalde. SOA vond ie helemaal niks qua architectuur en hergebruik onzin, Unit testen volledig onzinnig omdat het helemaal niets zegt over de kwaliteit van de code of de test zelf, Java vond hij een onmogelijke taal omdat deze strikt klassegebaseerd is, verder werd TDD onder handen genomen omdat daar de benodigde koppeling (coupling) en cohesie niet mee bereikt gaat worden en XP kreeg een schrobbering omdat daar nauwelijks nagedacht wordt over de context en de samenhang met andere delen van het systeem. Je kon af en toe een geluid door de zaal horen gaan dat het midden hield tussen het door de tanden binnenzuigen van lucht en de energie die rondwaart omdat men de neiging heeft te roepen ‘hé, maar wacht even!”

Wat mij aangenaam verraste was dat James – ongevraagd – bevestigde dat scrum wel degelijk veel met discipline en commitment te maken heeft en het productowner proces (niet zijnde sprint 0 of -1) de ‘fase’ van het software ontwikkelproject is waar heel creatief gewerkt wordt en die niet ge-time-boxed is. (Net als het UX deel, hoewel ik dat nog wel pre-parallel kan zien gebeuren) En hij maakte reclame voor het gebruik van use cases voor het productowner proces i.p.v. user stories.

De lean aanpak van architectuur met Poka-Yoke (een soort van matrijs /voorbeeld), upfront nadenken over welke beslissingen je moet nemen (niet de beslissingen zelf nemen), een planning en met een werkstroom dat uit 1 item bestaat (SMED, single piece of continuous flow) kwam aan de orde. Met de resultaten van onderzoeken wees James erop dat je met heel weinig programmeren (10KSLOC) toekan met heel weinig architectuur. Veel architectuur leidt dan tot rework. Terwijl je met 10.000 broncode regels ongeveer 40% aan architectuur moet besteden omdat de code dan tot rework leidt.

Enfin, er is mega veel aan de orde geweest en ik zal de hand-out (en het boek uiteraard) nog eens stevig doorlezen.

Wat ik verder nog aan inzichten heb overgehouden van deze tweedaagse training is dat de kloof tussen ontwikkelaars / scrum teams en business architecten veel groter / breder is dan ik eerder dacht. Dit maakt me minder optimistisch. Hopelijk is Lean architectuur een aanvulling op de middelen die ik heb ik om die kloof te overbruggen.

Daarnaast ontdekte ik dat zelfs ik door het lineair 'platte' logisch denken paradigma ben aangetast zodra het over rangschikken van data en processen gaat. Volgens deze paradigma’s werden we gedwongen om te denken in twee dimensies, zoals in een matrix (alleen x en y as). Er leek nu een derde dimensie (vector) aan toegevoegd.

Ja dames en heren, het was niet ‘the matrix reloaded’ of ‘the matrix preloaded’ (zoals in C++) maar ‘the matrix gridded” Tevens begreep ik dat hergebruik van algoritmen nooit zal voorkomen maar dat hergebruik vooral in de domein overeenkomsten gezocht moet worden; dat er méér dan twee manieren van separation of concerns zijn, dat er nu dus ook meer definities van 'rollen' (naast bijvoorbeeld werknemer, klant, manager) zijn en dat UML use cases zeer bruikbaar zijn, zelfs wanneer ze beschouwd worden als 'BUFD ‘

Ik ben benieuwd of mijn ervaringen verschillen of overeenstemmen van mijn medestudenten. Ik heb ’t ze gevraagd. Het zou heel mooi zijn als zij daarover met mij van gedachten willen wisselen.

James zal ergens in april weer deze cursus in Nederland geven, dan bij Xebia in Hilversum. Wees voorbereid op enige hersenspoeling, op verrassingen, op grote ogen achter brillenglazen, op gedegen kennis en grote ervaring van de trainer, op regelmatig gekrab aan baard en hoofdhaar, op met zijn allen lachen en op sandalen met blote voeten.

Als je in de gelegenheid bent zou ik het doen, als ik jou was…

  • Reacties(1)//weblog.abc-thinkbig.com/#post93

Management 3.0, een boekreview

AgileGeplaatst door Mary Beijleveld zo, februari 27, 2011 13:02:01

Ik heb zojuist het boek van Jurgen Appelo, "Management 3.0" met ondertitel 'leading Agile developers, developing Agile leaders' uitgelezen.

Ik heb dit boek met veel plezier gelezen. Ook vond ik het boek van Jurgen interessant omdat er een behoorlijke overlap is met de denkbeelden die ik heb over leiderschap en management. Het lijkt er bovendien op dat de boeken in de bibliotheek van de auteur minimaal voor de helft dezelfde zijn als die in mijn boekenkast staan (en door mij gelezen zijn). Daarnaast kreeg ik heel vaak een déjà vu want ik ben zelf errug met leiderschapsvraagstukken in de weer en de ervaringen die ik als ‘leidinggevende in teams, projecten en als lijnmanager heb opgedaan komen hier en daar sterk overeen met de ervaring van de schrijver. smileyAls het even lukken wil dan ga ik op niet al te lange termijn een ‘nieuwe leiderschapsfilosofie van de koude grond’ lanceren. Maar goed, daar gaat het nu niet over.

Het mooie aan het boek is dat de link naar het Agile gedachtegoed wordt gelegd én naar software ontwikkeling. Dat maakt het boek goed geschikt voor de huidige managers en de managers in spé in software ontwikkel bedrijven en software ontwikkelteams. Dat geeft het boek een grote kracht!smiley

Als het ook de managers van de 1e, 2e en 3e generatie zou moeten aanspreken dan valt dit boek in de buitencategorie. Met de 1e, 2e en 3e generatie bedoel ik, je weet wel , degene met wie we toch nog dagelijks geconfronteerd worden in een software ontwikkelomgeving en waarschijnlijk nog veel meer daarbuiten. Degene die zijn opgeleid volgens de vele gebruikelijke, niet meer van deze tijd zijnde, Anglo - Amerikaanse managementtheorieën en opvattingen.

Let wel, dit is een compliment! Maar jammer genoeg is het ook meteen de zwakte van het boek. Het spreekt een niche aan - die gelukkig wel steeds groter wordt en waar we als Agile (en Lean) gemeenschap aan werken om dat uit te breiden- en wordt niet geschikter om breder toegepast te worden. Het is daarom ook een soort van ‘preken voor de eigen parochie’. In software ontwikkeling zijn de ideeën van Agile (en Lean ook) immers veel verder dan erbuiten. Alhoewel, minder ver dan Jurgen zelf heeft ervaren; anders had hij er geen boek over geschreven.smiley

De indeling van het boek maakt het geheel erg leesbaar. Intro, verhaal met voorbeelden, kleine samenvatting per hoofdstuk. De eerste 7 hoofdstukken geven een verklaring van de theorieën en de denkbeelden erachter. In hoofdstuk 8 zit de overgang van theorie naar de behandeling van de wezenlijke verschillen tussen regels en doelen, grenzen en beperkingen, 'leiden' en 'managen'. Het uitleggen van de theorieën en wat er achter schuilt doet Jurgen heel goed. Er staan een aantal waardevolle inzichten in.

Overigens vraag ik me wel af of ieder aankomend of beginnend manager in de software industrie, die over het algemeen een opleiding hebben gevolgd die passend wordt geacht in die industrie, bij het leven van het boek denk: “O, jee, moet ik hier allemaal rekening mee houden?” Voor degene die al enige tijd meelopen kan het wel een AHA ervaring zijn.

Hoofdstuk 16 (het laatste hoofdstuk) is mijn echte favoriet! Daar stelt de auteur zich heel kwetsbaar op ten aanzien van zijn eigen Management 3.0 denkraam, wat culmineert in “my model is wrong” . Toch vergelijkt hij zijn model daarnaast even zo frank en vrij met de modellen / theorieën van de ‘old school’ goeroes zoals Mintzberg, Deming en Hamel. Op deze vorm van argeloosheid, gepaard aan flink wat moed en een zekere mate van overtuiging over de bruikbaarheid van de eigen ideeën betrap ik mezelf ook regelmatig. Hi, hi. Of is hier nu sprake van scherpzinnig circulair denken?

Hoe dan ook, het is tenminste niet lineair denken. Iets waar Jurgen, terecht in mijn ogen, de beperktheid heel goed van weet bloot te leggen aan de hand van de systeemtheorie. Zie daarvoor vooral hoofdstuk 10 van zijn boek. Ook in mijn opinie slaan managers zelforganisatie, energiegevende ideeën van zomaar loslopende individuen (jawel!) en inspirerende samenwerkingsvormen helemaal plat tot de zogenaamde SMART doelen en COPAFIJTH afvinklijstjes (zelfs in lean hebben we zo’n afwerklijstje : TIMWOOD).

Waar ik een groot verschil van mening tussen Jurgen en mij ontdek, is het idee dat leiderschap een onderdeel is van MANAGEN. Alsof daar een hiërarchie in is. Misschien heb ik het wel verkeerd begrepen maar ik denk dat iedereen een leider kan zijn, al was het maar over zichzelf, bij een vereniging, van een toevallig gevormd reisgezelschap, in een acuut probleem, in een gezin of partnerschap of in een team van collega’s. Een leider behoeft helemaal niet te managen. We kunnen niet allemaal manager zijn. Tenminste, van het idee alleen al zou ik psychotisch worden. Als er al een hiërarchie zou zijn dan is wat mij betreft LEIDERSCHAP het overkoepelende begrip. Als ik volgens de systeemtheorie redeneer dan zijn beide ‘elementen’ die een onderling versterkende loop hebben en bovendien in andere contexten andere uitkomsten kunnen hebben. Of hebbik niet goed opgelet?

Enfin, dat er gebrek aan leiderschap is bij te veel managers, kan ik wel weer beamen. Als u mijn mening over het verschil tussen leiders en managers wilt lezen dan kun u mijn weblog post met nummer 82 (hoeft u alleen het stukje van de URL in uw scherm te wijzigen in: #post82 )

Ik vind het boek echt een aanrader om te lezen en ik zou ook willen zeggen in goed Nederlands: “Do try this at - your software - home". Zet in ieder geval het boek niet ongelezen in uw boekenkast.

  • Reacties(0)//weblog.abc-thinkbig.com/#post92

Zomaar een dag in de week (2)

AgileGeplaatst door Mary Beijleveld zo, februari 13, 2011 22:27:54

Bijna zonder oponthoud reed ik van Utrecht naar Amstelveen, hoewel mw. GPS had besloten een tukje te doen. Wie beweerde ook alweer dat, als je op navigatie instrumenten rijdt, je de omgeving slecht in je opneemt en je oriëntatiegevoel aan gort gaat? Niets van gemerkt smiley

Ik reed van Utrecht zo op Amstelveen aan en er was nog een plekje in de (ondergrondse) parkeer garage. Het was echter toch wel zo laat geworden dat ik geen lunch meer kon regelen. De vertegenwoordiger van de implementatiepartner stond al te wachten bij de vergaderruimte. Ik begroette eerst even mijn collega’s en deed staccato verslag waar ik vandaan kwam en wat ik ging doen, en nam als alternatieve lunch een bakje espresso & cappuccino in 1 bekertje.

En wauw, dit was echt een hele goede bijeenkomst. We gingen erg diep op het concept zaakgericht werken voor SVB in, wat het verschil is tussen een case en een zaak, welke techniek wat ondersteunt, wat de implicaties zijn voor de inrichting van je proces, beelden die gelijkgetrokken werden of waar verschillende inzichten duidelijk werden. Ook de betekenis van begrippen werd expliciet en hoe zaakgericht werken anders is in gemeenten ten opzichte van SVB.

Ik denk overigens niet dat we het nu allemaal eens zijn over de keuze in het Integraal Ontwerp maar we zijn ons nu wel heel echt bewust waar de verschillen zitten en waar de keuzes eigenlijk over gaan. Met andere woorden verhelderend, daar hebben we wat aan gehad!

Ook helemaal voor mij want ik krijg steeds meer inzicht in de mores van het SVB, in de (on)mogelijkheden van gemaakte platformkeuzes en de wisselwerking tussen business & techniek en views die technisch- & bedrijfsarchitecten hebben. Helemaal goed!

Dat beloofd iets voor de 4 andere themasessies die ik namens het architectuurcollectief heb uitgezet.smiley

Omdat we tot op het bot gingen liep het wel wat uit. Om 16:15 uur stond ik buiten de vergaderzaal. Mijn collega’s gingen nog even door met de loep erbij, vermoed ik. Ik moest weer op Utrecht aan. In de spits…. En dat heb ik geweten. Voordat ik de afslag Kanaleneiland bereikte had ik mij door 15 km file geworsteld en toen bleek de anderhalve kilometer in de bebouwde kom nog eens een half uur te nemen. Ondanks mijn irreglementaire U-turn op de Europalaan en fel toeterende automobilisten.

Ik kwam om even na zes uur in het Rabogebouw aan, dus reken maar uit. Maar was wel een van de eerste. Ik vond het eigenlijk best spannend. Er zou nl. gefilmd worden, er zouden microfoons zijn (welke apparaten bij mij een ‘bek vol tanden’ stand teweeg brengen) en zo’n 100 mensen van de Rabo, naast een moderator, 3 acteurs en mijn mede-lagerhuisleden.

De zaal had in het midden twee tafel waar de Lagerhuisleden tegenover elkaar zaten. Aan beide zijden van de tafels een aantal rijen stoelen met daarachter statafels. Ook in het midden vier flip-over standaarden waar 4 stellingen op stonden.

Iedereen kreeg een rode en groene kaart welke verzorgd was door het Agile Consortium (met slogan en webadres, zag er goed uit!) en een kubus met Spider info, foto’s en korte beschrijving van de Lagerhuisleden en de 4 stellingen. De ‘take away’ zal ik maar zeggen.

De moderator, Jolanda, een senior adviseur bij de bank en in haar tweede leven een regisseur startte een quiz met vragen over Agile uitgangspunten voor het ‘publiek’. Deze konden antwoorden door opsteken van een rode of groene kaart en ging door tot er een persoon over was die alle vragen goed had beantwoord. Er waren behoorlijk wat vragen nodig dus dat betekent dat toch veel mensen de basisdingen goed tussen de oren hebben.

Vervolgens werden de vier stellingen behandeld. Na dat een stelling werd geponeerd moest het publiek kiezen aan welke kant ze gaan zitten (en staan). Daarna gingen de debatsprekers / Lagerhuisleden zo'n 10 minuten met elkaar in debat en was er nog eens ca 5 minuten voor reacties uit het publiek. Daarna volgde telkens een ‘terugspeel’ improvisatie door de 3 acteurs.

De stellingen zelf bevatten iets te veel ruimte voor interpretatie. Op elk ervan zou je kunnen zeggen ‘hangt ervan af’ maar het antwoord moest natuurlijk eens of oneens zijn. Volgende keer zou ik ze wat puntiger willen. Over twee stellingen was het publiek ongeveer 50/50 verdeeld. Op de twee andere stellingen was de score 10 eens tegen 90 oneens en 1 eens tegen 99 oneens. Hi, hi, ik had voor elke stelling ‘eens’ gescoord, leuke ervaring zoveel tegengas…! Mijn mede-lagerhuisleden/ debatsprekers Jan Hendriks, Rini van Solingen en Jeroen Venneman bleken het ook helemaal leuk te vinden.

Het werd een interessante avond. Na enkele woorden van dank bij de afsluiting kregen wij en de mensen van de organisatie als herinnering een boekje van Malcolm Glawell , getiteld ‘Uitblinkers” en startte de borrel. Daar heb ik nog even nagepraat en met enkele mensen kennisgemaakt en wat ook fijn was is dat Rini aanbood om mij het boek van Jurgen Appelo te schenken (die ik zaterdagochtend al in de post kreeg!) Ondanks het feit dat mijn knorrende maag ineens enkele bitterballen te verwerken kreeg, werd het tegen 21:00 toch echt tijd om weer op huis aan te gaan.

Ik vond het echt een toffe ervaring en alles was enorm goed geregeld door Rabobank, SPIder en IIBA en ben ook erg benieuwd naar de evaluatie, de foto’s en de film (die op Youtube komt) Bedankt!

  • Reacties(0)//weblog.abc-thinkbig.com/#post90

XPdays 2010, dag 2

AgileGeplaatst door Mary Beijleveld za, december 04, 2010 14:25:03

Opnieuw de telefoonwekker om 7:00 uur gezet. Hetzelfde ritueel als gisteren met dit verschil dat alle spulletjes en kleding terug in de koffer moeten. Die moet straks mee naar Heeze. Onder het douchen denk ik ineens: “Ow, ik moet nog een intro bedenken voor de 30 seconden introductie straks”. Terwijl ik me aankleed bedenk ik wat ik zeggen wil en vertaal in gedachten de sleutelwoorden in het Engels. Achteraf blijkt dat ik het beter nog een keer had kunnen opschrijven, dat helpt met onthouden.smiley

Na thee, jus en een pistolet kaas rijd ik weer naar Kapellerput. Nu moet ik de laptop, boeken waar ik naar refereer en hand-outs die ik gemaakt heb mee naar binnen zeulen. Omdat ik in het eerste slot zit kan ik mijn spullen in de zaal zetten en komt Pascal mij helpen om verbinding te maken met Internet. Onderwijl word er op de gang aan gymnastiek gedaan en daar sluit ik mij vervolgens bij aan.

Wederom om 9.00 een yogaoefening, waar ik nu niet aan meedoe want ik heb zojuist voldoende gymnastiek gehad om wakker te worden. En dan ja hoor, ik mag als eerste naar voren treden om mijn introductie weg te geven. Dus heel dapper loop ik naar voren en begroet een ieder en wil starten met de zin “I would like to share a story with you about a marriage that seems to be made in heaven” Plots wordt er een microfoon onder mijn neus geschoven. Ik ben nog in staat om die eerste zin af te maken maar realiseer me ineens dat er ruim honderd mensen naar me staan te kijken en sta met een mond vol tanden. Ik piep nog: “Now I getting stresst” ga met mijn twee benen stevig op de grond staan en haal diep adem. Tjees, denk ik “beam me up scotty” maar weet mij te herpakken. Serge komt heel vriendelijk een hand op mijn rug leggen en eigenlijk hielp dat ook weer te starten. De helft van mijn tekst is uit mijn kop verdwenen maar ik wist nog fatsoenlijk af te sluiten. Hoeveel seconden dat bij elkaar geduurd heeft, ik heb geen idee. Het voelde, wat mij betreft, in ieder geval gênant en duurde daarom te lang. Het leert mij dat het zoveel fijner is om zoiets samen met iemand anders te doen, net als mijn presentatie. Als je het alleen moet doen sla je een try-out over, mis je feedback en ondersteuning. De andere intro’s zijn een soort toneelstukjes en humorvol. RESPECT!

Op mijn sessie “SOAgile” komen 8 mensen af. Niet veel maar dit zijn dus de echt geïnteresseerden. Ik vraag de heren om mij mijn presentatie te laten houden en de vragen te bewaren voor het Q&A gedeelte. Gedurende de presentatie komen er echter prangende vragen en wordt het ongemerkt levendig. Zelf vond ik dat wel prettig. De deelnemers beantwoordden zelfs elkaars vragen. Vooral Gerard smiley en Dave konden de door mij als leiderschapskwesties betitelde vragen goed duiden. Dat was fijn. Ik kon mijn presentatie net aan binnen het uur afronden en was erg benieuwd naar inhoud van de feedbackformulieren.

Na een kopje thee en het beantwoorden van tig keer de belangstellende vraag hoe mijn sessie is gegaan , ben ik vervolgens naar de sessie “10 principles for Lean Architecture and practical tools for implementation” van Gerard Janssen en Sander van den Berg gegaan. De 10 (volgens mij 11?) Lean architectuurprincipes werden wel genoemd maar niet behandeld. Ze werden verdeeld in 4 aspecten business, artifacten, proces en communicatie, welke aspecten met resp. solution based thinking, visualisatie, storytelling en spiegelogie konden worden ondersteund. Elk van deze hulpmiddelen hebben we in tweetallen geoefend. Het was een hele leuke en interactieve sessie en ik heb flink gelachen met mijn gesprekpartner. Net als mijn sessie was deze ook als technology and technique gerubriceerd en evenals mijn sessie ging het helemaal niet om techniek. Bijzonder dat als je ‘architectuur’ zegt, men direct aan ‘technologie en techniek’ denkt. We hebben als architecten nog heel wat uit te leggen en te winnen..smiley

Na de weer goed verzorgde lunch ben ik naar de sessie “Agile feedback? A live experiment” van Colinda de Beer en Martin van Gogh gegaan. Naast een oefening waarbij ik vrijwillig als scrum master werd aangewezen ;) in het geven van feedback, konden we kennis nemen van de 4 regels voor het geven en de 4 regels voor het ontvangen van feedback. We kregen zelfs een mooi geplastificeerd kaartje waar die regels opstonden als presentje. In het bedrijf waar Colida en Martin werken is iedereen op dezelfde cursus geweest. Dat is mega goed want dat spreekt iedereen dezelfde taal. Ook de overeenkomsten uit het boek van Ben Furman met de Agile principes vond ik erg sterk.

Als laatste sessie heb ik deelgenomen aan “team building using team centered interaction (TCI)” van Erik Groeneveld en Thijs Janssen. In deze sessie kwam naar voren dat het thema het centrale gegeven moet zijn in communicatie maar dat het ‘ik’ en het ‘wij’ daarin een even grote rol spelen. We hebben teams gevormd en kennisgemaakt via vragen op kaarten. Dat verliep erg goed, ondanks dat een van onze teamleden afhaakte na een telefoontjesmiley. Daarna zijn we als team rond het thema “Organiseer XPdays” nagegaan wat daarvoor moest gebeuren en wat we als persoon konden bijdragen en waarom we dat wilden ten opzichte van de teamleden. Dat was erg leuk om te doen en meer nog. Laat ik zeggen: ik heb er een vriendin aan overgehouden. smileyOok vond ik dat TCI erg veel weg heeft van het “ik, wij, het’ diagram en uitgangspunten en van mijn levensmotto: met hoofd, hart en handen.

Na de sessies gaan er al veel mensen van tussen. Ik neem van enkele afscheid en voeg mij bij de afsluitende plenaire sessie waar mensen hun indrukken vertellen en de uitslag van een dart wedstrijd bekend gemaakt wordt. Daarna werden doosjes chocola en grote flessen bier aan de presentatoren uitgedeeld en gaan de meeste mensen zo’n beetje huiswaarts. Alsof het een gewoonte is vergeet ik wéér mijn fles bier mee te nemen. Ik bel met thuis om te melden dat ik binnen enkele minuten vertrek en ongeveer twee uur later zal aankomen. Helaas zit het op de A2 bij Utrecht tegen, een hele lange file houdt de boel flink op. Tegen half negen kom ik thuis en heeft mijn Fons wat lekkernijen en stokbrood op tafel gezet. Heerlijk thuiskomen zo.

Ik heb werkelijk genoten van XPdays en kom een volgend keer zeker en vast. Ook de mini XPdays met de best beoordeelde sessies wil ik graag meemaken. Ik denk dat ik een aantal gemist heb. Tot gauw!smiley

  • Reacties(0)//weblog.abc-thinkbig.com/#post89

XPdays 2010, dag 1

AgileGeplaatst door Mary Beijleveld za, december 04, 2010 12:45:24

Om half zes piept mijn telefoon: "opstaan!". In dit hotel kun je al om 7.00 uur ontbijten, vandaar zo vroeg. Iedere keer een crime om te slapen in een vreemd bed, dat lukt mij de eerste nacht nooit. Eerst even onder het gemalen water, in de kleren, broodje eten en naar Heeze rijden. Mooi ontbijtbuffet. Je kunt zelfs je eigen eitje bakken. Toch wel lastig dat we in een ander hotel moeten slapen. Het had zo veel fijner geweest om ook in Kapellerput te kunnen overnachten. Maar hemelsbreed is het maar een paar kilometer en mw. GPS brengt me precies waar ik moet zijn.smiley

Het voelt als een bijenkorf du moment ik binnenstap. Alle voorbereidingen voor de ontvangst van de deelnemers zijn in volle gang. Ik begroet een aantal bekenden en onbekenden en vraag of ik kan helpen. Op het scrumboard staan een aantal dingen te doen maar die zijn abracadabra voor mij. Bij navraag blijkt dat alles onder controle is en mijn hulp niet nodig. Ik ga daarom thee drinken en zie heel wat bekenden binnendruppelen. Ook ik ga mij melden bij de registratie, kies een persona, maak mijn badge persoonlijk en bestudeer het programma.

Het programma is zo overvol met allerlei interessante sessies dat ik moet kiezen en dat is erg moeilijk. Niettemin kies ik meteen wat ik wil zien en achteraf blijkt dat ik mij daaraan heb gehouden. Na een soort yoga momentje om negen uur start de opening met de 30 seconden durende aankondigingen, die mij er meteen aan herinneren dat ik dat voor morgen ook nog moet bedenken. Fhjoei, geen sinecure, actief meedoen.

Ik heb gekozen voor “the political economy of Agile projects” van Laurens Bonnema. Omdat hij nog onderweg is wachten we allemaal heel rustig en spreken op aangeven van Jurgen af, dat zodra Laurens binnenstapt, we hem verwelkomen met een staande ovatie. Hetgeen geschiedde. Zijn sessie ging over politiek en soorten macht(sspelletjes) in het algemeen. Het is handig om te kunnen omgaan met machtsverhoudingen. Vooral in Agile projecten omdat daar de ‘macht’ naar het team wordt verschoven en PMers dit als verlies kunnen voelen. We hebben het over Machiavelli gehad, de schrijver J. Pfeffer en de toepasselijkheid van de powermatrix van TWG; iets wat ik eigenlijk altijd maak als ik in een groot project kom te werken. Het is immers altijd handig te weten wie je mede- en tegenstanders zijn. Laurens laat ook nog even weten dat de staande ovatie hem geholpen heeft omdat ie flink gestrest was i.v.m. het te laat komen.

Na elke sessie is er een pauze die door iemand met een grote klingelende bel wordt aangekondigd.

De volgende sessie waaraan ik deelneem is die van Pierluigi Pugliese en Yves Hanoulle, “soft skills essensials for software craftsmen’. De toon wordt even gezet door na te gaan in hoeverre Agile coaches zich richten op individuen, wat bijzonder gering blijkt te zijn. De nadruk ligt op teams. Vandaar. Uiteraard zijn de soft skills afhankelijk van de communicatievaardigheden van het individu, de condities die daarvoor geschapen worden, de focus erop en de technieken die er zijn. Drie van die technieken worden min of meer behandeld: We schieten een beetje langs actief luisteren door het status spel te spelen. Boven, gelijk, onder. Er wordt enige aandacht besteed aan solutions thinking. Dat je vooral in oplossingen denkt, hoe iets eruit ziet als het wel gelukt is. In mijn hoofd schiet steeds het idee binnen dat je toch ook eerst enige aandacht aan het probleem moet besteden; het minimaal moet identificeren, voor je in de oplosstand schiet. Enfin, ik begrijp de boodschap; je moet niet in het probleem blijven hangen. Vooral de transactionele analyse krijgt aandacht. Ouder, volwassene, kind, tja dat gaf een déjà vu. Die heb ik in de managementcursus en training ‘persoonlijk projecten leiden’ al uit en te na geoefend. Zo zeer zelfs dat ik erg veel moeite moest doen om mij als kind of ouder op te stellen tegen mijn gesprekpartner. Ik praat het liefst altijd als volwassene, ook tegen een kind. Bovendien kwamen we hier deels terug op het status spel. De uitspraken wrongen hier en daar maar ik kon mijn klep op elkaar houden. Voor degene die hier voor het eerst van horen en zien is het immers waardevolsmiley.

Na de goedverzorgde lunch wederom de 30 seconden intro’s voor ‘s middags, en weer een rek en strek oefening. De derde sessie van de dag voor mij is “the challenging Fridge – dealing with systemes dynamics’ van Christophe Thibaut en Mathieu Gandin. Wij moesten in de groep een programma bedienen om de temperatuur van een koelhuis te regelen zonder te weten wat het effect van onze ingrepen waren. Het systeem was een black box en we constateerden ook een vertraging in de tijd van handeling en effect. Uiteindelijk hebben we wel de opdracht met succes kunnen afronden. We kregen een aantal symbolen aangereikt om een systeem en de dynamiek daarin te beschrijven. Ik vond dit een leuke sessie met name omdat het één manier is om systeemdenken te oefenen / promoten

De laatste sessie van de dag die ik gevolgd heb was “storymapping in practice” door Serge Baumont en Marco Mulder. Daar hebben we geoefend in het opknippen van stories. Gelukkig kregen we hulp want dat was niet zo eenvoudig. Daarna hebben we sprints gepland op basis van wat minimaal nodig was. Ik had geen seconde tijd om aantekeningen te maken. Lekker interactief dus. Waardevol ook omdat je hiermee ervaring kunt krijgen in het bedenken van de meest simpele oplossing om vervolgens meer gesofisticeerde uitwerkingen te maken. Helemaal in de geest van het principe “Simplicity--the art of maximizing the amount of work not done--is essential”smiley

Na deze laatste sessie weer een yoga oefening en de afsluiting, drankje drinken in de bar en vervolgens het diner. Tussen de sessies door, voor, tijdens en na het diner met enkele mensen goed kunnen bijpraten, flink gelachen en ook nog –met wisselend succes- moppen uitgewisseld. smiley

Om negen uur ’s avonds zou een barkwis starten maar dat liep wat uit. Ik heb nog meegedaan aan de eerste paar vragen van ‘ons’ team. Omdat ik had afgesproken om 10 uur Matteo en nog een Italiaanse man mee te nemen naar het hotel in Leende moest ik ‘vroegtijdig’ stoppen. Ook dan is het vervelend dat je naar een ander hotel moet. Daarnaast wilde ik nog even naar mijn presentatie kijken. De autoramen waren enigszins berijpt en het was mistig. Wij kwamen heelhuids aan bij het hotel.

Met mijn wederhelft ging alles prima hoorde ik door de telefoon en ik heb kort verslag gedaan van mijn belevenissen. Het was een enorm fijne dag. Na door mijn presentatie gelopen te hebben was ik moe en viel zo rond half twaalf in slaap.

  • Reacties(0)//weblog.abc-thinkbig.com/#post88
« VorigeVolgende »